Columnist en wielrenner Gerrit Wijnne wil het hebben over de horror van Strava

Gerrit Wijnne fietste van seizoen naar seizoen, door weer en wind, en zonder er op te letten vrat hij kilometers. Foto: Gerrit Wijnne

Ik wil het hebben over de horror van Strava. Voor ik dat doe even in een notendop iets over Strava, voor wie geen idee heeft. Strava is een app waarmee je sportacticiteiten vastlegt.

Het zijn vooral fietsers en hardlopers die gebruik maken van Strava, maar zwemmers en roeiers ‘zitten’ er bijvoorbeeld ook op. Al naar gelang de hoeveel gegevens die tijdens de sportactiviteiten worden vastgelegd - uiteraard afstand en gemiddelde snelheid, maar ook bijvoorbeeld hartslag en geleverd vermogen - laat Strava analyses los op de geleverde prestaties. Dan zijn er de segmenten. Kort gezegd is een segment een stuk van een route van een bepaalde lengte die je kunt aanmaken in Strava. De wegen en fietspaden liggen er vol mee. Na een rit kun je vaststellen hoe snel je op een bepaald segment bent geweest ten opzichte van anderen. De snelste op een segment heeft daar de KOM (naar King of the Mountain, de bergkoning uit het wielrennen). De KOM heeft een vreemd soort aantrekkingskracht op sommige wielrenners. Er zijn er die, als het stormt en de wind uit de juiste hoek waait, op hun fiets stappen om op KOM’s te gaan jagen.

Strava maakt fietsen nog leuker dan het al is

Dat laatste zal ik niet snel doen, maar voor de rest vind ik Strava erg leuk. Het maakt het fietsen nog leuker dan het al is. Er is echter één dag in het jaar waarop ik Strava pure horror vind. Sporters die de app gebruiken moeten dit herkennen, dat kan niet anders. Er is als Strava-gebruiker namelijk geen dag zo erg als 1 januari. Strava zet je dan namelijk op 0 kilometer. Een jaar lang heb je gefietst en in twaalf maanden heb je een mooi aantal kilometers bij elkaar getrapt. In mijn geval ietsje meer dan 11.000. Een prestatie waar ik zeer tevreden over ben. Het betekent namelijk dat ik iedere maand meer dan 900 kilometer heb afgelegd, bijna 230 kilometer per week. En dat naast een baan en een gezin en alles wat daarbij komt kijken.

Kilometers vreten

Een jaar geleden begon ik op 0. Er was de eerste rit van het jaar. En de tweede. De derde. En de volgende. Ik fietste alleen, met z’n tweeën of met mijn vrienden van GT Cycling. Ik fietste van seizoen naar seizoen, door weer en wind, en zonder er op te letten vrat ik kilometers. Doordat ik begin april mee deed aan de toerversie van de Ronde van Vlaanderen had ik de eerste maanden van het jaar al 3.000 kilometer in de benen. Een fijn begin van het wielerjaar en ik besefte dat het mogelijk moest zijn om de 10.000 kilometer te halen, een magisch getal. Ik bleef kilometers maken en de eerste week van november was het zover.

Uiteindelijk stond ik op 31 december 2022 op ruim 11.000 kilometer. En toen werd het 1 januari. De 11.000 was verdwenen. Door Strava cyberspace in geslingerd. Ik kon weer opnieuw beginnen.

Nieuws

menu