Zijn boeren de dupe van de strijd om de ruimte in Flevoland?

‘Er zijn best veel boeren op zoek om uit te breiden - eigenlijk héél veel. Er is enorm veel vraag en heel weinig aanbod.’ Foto: Fotostudio Wierd

Flevoland is een voorbeeldprovincie als het op landbouw aankomt. Maar door de strijd om de ruimte in Flevoland en de steeds hogere grondprijzen, wordt het steeds moeilijker om voorloper te blijven. ‘De voorsprong van de landbouw die we altijd gehad hebben: als je de verhalen nu soms hoort, dan denk je dat we hier en daar wel voorbijgestreefd worden.’

In een serie verhalen wordt het antwoord gezocht op de vraag of Flevoland de oplossing is voor landelijke problemen zoals het woningtekort en de stikstofcrisis, of langzamerhand een afvoerputje aan het worden is. In dit derde verhaal komt de agrarische sector in deze provincie aan het woord.

Vraag groter dan het aanbod

De vraag naar landbouwgrond is groter dan het aanbod. Tegelijkertijd is er een strijd gaande om deze grond. Wat betekent dit voor de boeren en voor Flevoland zelf?

Boeren die willen uitbreiden hebben last van de strijd om de ruimte in Flevoland en de daardoor stijgende grondprijzen. Ze kunnen grond kopen van boeren die stoppen, maar dat wordt steeds lastiger. Dit ziet ook Peter Lodders, die zelf agrariër was en sinds 2008 makelaar die zich naast de woningmarkt ook bezighoudt met de agrarische markt in Flevoland.

Meestal onderhands verkocht

‘Er zijn best veel boeren op zoek om uit te breiden - eigenlijk héél veel. Er is enorm veel vraag en heel weinig aanbod’, legt Lodders uit. Er was vroeger meer aanbod en de grond stond ook wat langer te koop, maar tegenwoordig wordt het meestal al onderhands verkocht. En als het al in de openbare verkoop komt, dan is het ook zo weg. ‘Dat is eigenlijk best een probleem op dit moment.’

Na het inpolderen van Flevoland was er voor boeren een mogelijkheid om gronden te kopen. Er zijn ondernemers die daar gebruik van hebben gemaakt en een erf gekocht hebben, maar niet voor alle boeren was het mogelijk om dit te doen. ‘Voor deze bedrijven wordt het steeds lastiger om nu de financiering rond te krijgen. Dat zijn momenteel met name de boeren die grond pachten van het Rijksvastgoedbedrijf,’ aldus Arnold Michielsen, voorzitter van de agrarische belangenvereniging LTO Flevoland en zelf ook akkerbouwer.

Eerlijk en transparant

In het verleden leverde het Rijk actief een bijdrage door gronden die vrijkwamen ook in te zetten voor bedrijfsvergroting. ‘Dat is een aantal jaar geleden gestopt, omdat men oordeelde dat het Rijk niet onderhands, maar eerlijk en transparant de grond ter beschikking van iedereen zou moeten stellen. Op deze manier kon iedereen er gebruik van maken,’ legt Michielsen uit. Het nadeel hiervan is dat dit voor prijsopdrijving van de grond zorgt.

Ook jonge boeren die het bedrijf van hun ouders willen overnemen zien de nadelige gevolgen van de hoge grondprijzen. Arjan Beuling, een jonge boer en bestuurslid van het Flevolands Agrarisch Jongeren Kontakt, merkt dat ook. Op een dag hoopt hij het bedrijf van zijn ouders over te nemen. ‘Dat wordt inderdaad wel steeds lastiger, en dat komt door de grondprijzen die zo verschrikkelijk hoog zijn. En dat blijft alleen nog maar stijgen, waardoor het lastiger wordt om het bedrijf over te nemen.’

[De tekst gaat verder na de foto]

Op de tocht

Voor de economische waarde zou hij het bedrijf van zijn ouders nooit over kunnen nemen. ‘Dat is zoveel geld, dat kan nooit. Daardoor zijn er regelingen zoals de Bedrijfsopvolgingsregeling, waardoor er een mogelijkheid is om het bedrijf over te nemen zolang het maar agrarisch blijft. Maar dat is een regeling die ook op de tocht staat,’ vertelt Beuling.

Om voorloper te blijven in de agrarische sector zijn er verschillende uitdagingen waar de sector zich doorheen moet bewegen. Naast de al hoge en stijgende grondprijzen, wil de sector ook inzetten op biodiversiteit en verduurzaming, maar heeft het ook te maken met factoren als de bodemdaling.

Voorbijgestreefd

Of het hierdoor moeilijker wordt om de voorloper te blijven op landbouwgebied? ‘Ja absoluut,’ meent Corné Hermus, voorzitter van district Flevolandse binnen de Bond voor de Pachters en Erfpachters en daarnaast zelf landbouwer in Lelystad. ‘De voorsprong van de landbouw die we altijd hebben gehad: als je de verhalen nu soms hoort, denk je dat we hier en daar wel voorbijgestreefd worden.’

Een voorbeeld hoe het beter kan, ziet Hermus in Frankrijk. ‘Daar heeft de overheid duidelijk de keuze gemaakt dat landbouwgrond een productiemiddel is, en geen investeringsvehikel.’ Zo wordt bij verkochte landbouwgrond eerst gekeken of er een buurman is die wil uitbreiden, of dat er een jonge boer is die een boerderij wil beginnen. ‘En pas als dat niet lukt, wordt de grond aan een derde partij verkocht,’ zegt Hermus. ‘Daardoor lopen de landbouwgrondprijzen in Frankrijk ook achter op de rest van Europa.’

Toekomstperspectief

Volgens Michielsen is het belangrijk dat er een toekomstperspectief is met een goed verdienmodel erbij. ‘Al die andere uitdagingen worden dan vanzelf opgelost. Je ziet dat ondernemers met een goed verdienmodel ook meer kunnen kijken naar hoe ze bijvoorbeeld meer kunnen geven aan de biodiversiteit, de bodemstructuur en hun bijdrage in de maatschappij.’

Een goed verdienmodel behouden zal volgens Michielsen een uitdaging worden. ‘Vooral als je ziet dat een goed verdienmodel voor de boeren ertoe kan leiden dat de prijzen van de producten omhoog moeten. Als je ziet hoe de burger in de huidige tijd tegen de prijsverhogingen aankijkt die veroorzaakt worden door de inflatie, dan begrijp je dat daar een behoorlijke spanning op zit.’

Zorgelijk

Hermus deelt deze mening en vindt het zorgelijk dat de landbouwgrond in Flevoland ten koste dreigt te gaan van andere functies. ‘We zijn gewend: we gaan naar de supermarkt, we trekken het uit de schappen, en klaar. Maar je ziet het nu al een beetje veranderen. Laatst had de Jumbo niet op tijd de melk in de schappen. En de uien die vorig jaar bijna helemaal op waren - ook al heeft bijna niemand dat gemerkt. Ik voorzie dat de voedselzekerheid ernstig in gevaar komt.’

‘Koester die landbouw,’ zegt Michielsen, ‘want je hebt het heel hard nodig en je wil niet te afhankelijk zijn van andere landen. In de huidige tijd blijkt wel hoe belangrijk dat is.’

Nieuws

menu