Is Flevoland dé oplossing of toch hét afvoerputje van Nederland?

Ongeveer een kwart van de windstroom die in Nederland wordt gebruiken, komt uit Flevoland. Foto: Fotostudio Wierd

Sinds de formatie van het nieuwe kabinet eind vorig jaar wordt Flevoland door landelijke politici steeds vaker als oplossing gezien voor uitdagingen zoals het woningtekort en stikstofprobleem. Kan Flevoland inderdaad dé oplossing zijn, of is de provincie langzamerhand een afvoerputje aan het worden voor landelijke problemen?

De komende weken verschijnt er een serie verhalen in FlevoPost waarin het antwoord wordt gezocht op een aantal vragen. Wat zijn de Haagse plannen voor Flevoland en in hoeverre zijn deze haalbaar? Hoeveel invloed heeft de lokale politiek op het landelijk beleid? Zit Flevoland er wel op te wachten om ‘volgebouwd’ te worden. En hoe zit het precies met de 22 procent van de Flevolandse grond die in handen is van het Rijk?

Flevoland als oplossing

De provincie Flevoland is al vaker als ‘oplossing’ bestempeld. De aanleg ervan was al een oplossing voor een probleem, namelijk het tegengaan van de vele overstromingen waar het gebied rondom de Zuiderzee mee te maken had. Daarnaast zou de nieuwe, vruchtbare grond ingezet kunnen worden voor landbouw om voedselschaarste tegen te gaan. In de jaren zestig van de vorige eeuw zag de landelijke politiek de lege ruimte in Flevoland ook als een goede manier om de steeds drukker wordende Randstad te verlichten.

Nu, decennia later, wordt Flevoland door politici weer als oplossing gezien voor landelijke uitdagingen. Zo heeft de Tweede Kamer de provincie Flevoland gevraagd om 100.000 extra woningen bouwen. Ook zijn er ideeën vanuit de landelijke politiek om boeren die nu bij kwetsbare natuurgebieden zitten, naar Flevoland te verhuizen. En dan zijn er nog ontwikkelingen zoals het datacenter van Meta in Zeewolde. Hoewel de bouw hiervan voorlopig van de baan is en dit niet een ‘landelijk probleem waarvoor Flevoland de oplossing biedt’ is, is het wel een goed voorbeeld van het idee dat er in Flevoland nog genoeg ruimte is.

Steentje bijdragen

Hoewel provincie en gemeenten graag meedenken en hun steentje willen bijdragen aan landelijke vraagstukken, moet er ook voor worden gezorgd dat er voldoende ruimte overblijft voor natuur, recreatie, en landbouw. Daar komt nog bij dat Flevoland ook nog te maken heeft met een nieuw vliegveld en de Lelylijn.

En dan is er ook nog Natura 2000 waar de provincie en gemeenten rekening mee moeten houden. In de Natura 2000-gebieden, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden, worden bepaalde dieren, planten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit te behouden.

In en rondom Flevoland zijn genoeg Natura 2000-gebieden te vinden, zoals het Markermeer, de Oostvaardersplassen en de Lepelaarplassen. Rondom deze gebieden mag de stikstofuitstoot niet te groot zijn, omdat dit schadelijk is voor de natuur.

In handen van het Rijk

Voor het de diepte in gaat eerst maar even een stap terug. Hoe zit het nou precies met met de 22 procent van de grond die in handen is van het Rijk? Wat gebeurt er nu mee en wie heeft deze grond nou precies in handen?

Dat bijna een kwart van de grond in Flevoland in handen is van het Rijk, komt door de manier waarop de provincie is ontstaan. Bij het inpolderen van Flevoland was de grond in eerste instantie staatseigendom. Momenteel is nog 22 procent in handen van het Rijk. Dit komt neer op meer dan 31.000 hectare; 45.500 voetbalvelden. Ter vergelijking: kijkend naar het grondbezit in heel Nederland, heeft het Rijk een aandeel van zo’n 5 procent. Het grondbezit van het Rijk in Flevoland is met 22 procent een stuk hoger dan in de rest van het land.

[De tekst gaat verder na het kaartje]

Grootste vastgoedportefeuille van Nederland

Deze grond is in handen van het Rijksvastgoedbedrijf. Deze organisatie, die onder het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties valt, is verantwoordelijk voor de grootste vastgoedportefeuille van Nederland. Deze organisatie beheert overheidsgebouwen zoals gerechtsgebouwen en kantoren en bezit ook grond. Een groot deel van deze grond ligt dus in Flevoland. Deze grond wordt voornamelijk gebruikt voor het kort- of langdurig verpachten van gronden en boerderijen aan agrarische ondernemers.

Het Rijksvastgoedbedrijf is de schakel tussen Rijk, gemeenten en commerciële partijen. Als het Rijk grond wil verkopen, verhuren of verpachten, dan gaat dat via het Rijksvastgoedbedrijf. En als bijvoorbeeld een gemeente grond wil kopen, gaat dat ook via het Rijksvastgoedbedrijf. Maar dit verloopt niet altijd soepel.

Lokale politiek

‘Wat voor ons als gemeente lastig is, is dat heel veel grond in handen is van het Rijksvastgoedbedrijf,’ aldus Wiemer Haagsma (Politieke Unie), die sinds 2014 acht jaar lang wethouder ruimtelijke ordening was van de gemeente Noordoostpolder. ‘Jaren geleden kon je één op één zakendoen. Tegenwoordig moet het Rijksvastgoedbedrijf de grond die ze wil verkopen in de markt zetten, zodat alle partijen mee kunnen doen. Het lastige is dat dit ontzettend voor prijsopdrijving zorgt.’

Het tweede verhaal in deze serie zoomt in op de lokale politiek. Hoe kijken lokale politici naar de rol van het Rijksvastgoedbedrijf en naar ‘de strijd om de ruimte’ in Flevoland? Waar zien zij uitdagingen kijkend naar de toekomst, maar vooral ook kansen? ‘Er zijn een heleboel mensen die denken dat er in Flevoland veel ruimte is, maar al onze ruimte is op dit moment al in gebruik. Vooral voor het primaire doel: voedselvoorziening,’ constateert Haagsma. ‘En als we dan kijken naar de situatie in de wereld, worden we ons weer bewust van het feit dat het niet logisch is dat overal maar voedsel verbouwd kan worden’.

Nieuws

menu