Het besluit om Observatorium Robert Morris aan te leggen verliep moeizaam. Pas in 1976 kwam de doorbraak en kon de schop in de grond

Observatorium Robert Morris. Foto: Kees Hermus

Kees Hermus schrijft in aflevering 105 van ‘Dronten Toen’ over het observatorium Robert Morris, tussen Lelystad en Swifterbant.

In de Flevolander van 6 januari 1977 staat het bericht ‘Flevoland krijgt een observatorium’. Het gaat hier niet om een sterrenwacht, maar om een kunstwerk van de Amerikaanse kunstenaar Robert Morris. Er is ruimte gereserveerd op kavel G 64 bij de splitsing Houtribweg en de Swifterringweg.

‘Land Art’

Het Observatorium is een zogenaamd ‘Land Art’ project, een kunstzinnig obstakel in het landschap. Het kenmerkende van dit kunstwerk zijn de twee cirkelvormige wallen van hout, klei en staalplaten. Bijzonder is dat in de aarden wallen gaten zijn uitgespaard die een vizier vormen. De kunstenaar kiende het zo uit, dat je door de kijkgaten vier keer per jaar bij de wisseling van de seizoenen, de zon kan zien opkomen. Vooral op 21 maart als de lente en op 23 september als de herfst begint, is het effect het beste te zien.

Het geheel doet denken aan Stonehenge in het Engelse Cornwall. Dat bouwwerk is nu circa 4.600 jaar oud en diende mogelijk als altaar in de zonnecultus, al zijn de meningen hierover verdeeld. Het zijn twee concentrische, door reusachtige stenen (zuilen) gemarkeerde cirkels, waarvan de buitenste cirkel een middellijn heeft van 35 meter, aldus de krant. Sommigen denken dat Stonehenge een vroege sterrenwacht was.

Eerder in Nederland

Het observatorium van Robert Morris was al eerder in Nederland te zien geweest, namelijk in Velzen als onderdeel van de Arnhemse kunstmanifestatie ‘Sonsbeek buiten de perken 1971’. Toen was het opgebouwd met duinzand en dat materiaal was natuurlijk niet goed bestand tegen de weersomstandigheden.

Kunststichting Sonsbeek zocht daarom naar een plaats waar het werk van Morris voor langere tijd overeind zou blijven. Zij vond tenslotte Flevoland het meest geschikt, omdat daar de ruimte was voor een vrij uitzicht.

Moeizaam

Het besluit om het Observatorium aan te leggen verliep echter moeizaam. Uit de correspondentie blijkt dat de inrichters van de polder weinig ervaring hadden in de omgang met kunstenaars en andersom. Pas in 1976 kwam de doorbraak en kon de schop in de grond. Het is nu in beheer van Stichting Het Flevo-landschap.

Externe bron: Wikipedia

Nieuws

menu