Columnist Kees Bakker reflecteert op 'verkiezingsretoriek' in Dronten

De raadszaal in het gemeentehuis van Dronten. Foto: Fotostudio Wierd

Het politieke chagrijn over Swifterbant-Zuid duurt maar voort. Nu er afgelopen donderdag nog geen beslissing is genomen en er vandaag (10 maart) een korte, besluitvormende vergadering is over het bestemmingsplan, staan verschillende gezichten nog langer op onweer.

Ja, het is een bijzonder proces geweest, het proces om te komen tot een bestemmingsplan. Een proces dat vandaag met een jaar vertraging wordt afgesloten.

In het verkeerde keelgat

Mijn suggestie in een recente column dat het chagrijn wellicht ook iets te maken heeft met de komende verkiezingen is een aantal raadsleden in het verkeerde keelgat geschoten. ‘Wat een ongelooflijk jammere reflex is het toch van journalisten om vlak voor de verkiezingen jarenlange en consequente inzet ‘verdacht’ te maken met een verkiezingssausje’, kreeg ik als reactie van één van hen. Dat is een raak punt. Het is inderdaad zo dat de pers discussies die vlak voor de verkiezingen plaatsvinden vaak in het daglicht stellen van die verkiezingen. Daar mag ook ik als journalist best eens op ‘reflecteren’.

Tegelijkertijd is het niet zozeer dat ik het standpunt van de drie partijen dat het proces rond Swifterbant-Zuid en het uiteindelijke resultaat niet goed zijn, als verkiezingsretoriek zie. Dat zou ook onzin zijn, want het proces is vele malen onderwerp van discussie en kritiek geweest.

Toon van het debat

De toon van het debat is een andere zaak. Je kunt iets jammer vinden, je kunt iets een grote schande vinden. Daar zitten nog veel gradaties tussenin. Maar als een proces misgelopen is, zul je wel zien dat richting de verkiezingen het oordeel harder wordt. Bovendien: je kunt nu nog heel lang stil blijven staan bij het gelopen proces en daar boos over blijven, maar op een gegeven moment moet je ook vooruit.

Daar wordt de gemeenteraad een beetje op weg geholpen door dat andere, pijnlijke dossier: dat over de verhoudingen op het gemeentehuis tussen college, raad en ambtelijke organisatie .

Donderdag was het juist één van de criticasters van Swifterbant-Zuid die daar het voorzetje voor gaf. Peter Duvekot (SP) noemde het hele proces rondom Swifterbant een schoolvoorbeeld van ‘oude politiek’. Dat is kort gezegd de politiek waarin coalitiepartijen het altijd met elkaar eens zijn en achter de schermen van alles met elkaar regelen.

Andere politiek

Ik weet niet of ik het met Duvekot eens ben dat dit daar een schoolvoorbeeld van is, maar het is wel duidelijk dat de besluitvorming rond Swifterbant-Zuid en andere dossiers vraagt om een andere politiek. Een politiek waarin de gehele raad na de verkiezingen eens bij elkaar komt om te kijken wat men precies wil de komende vier jaar en waar men het breed over eens is. Als je het over 80 procent eens bent en over 20 procent niet, kun je prima als gehele raad een raadsakkoord sluiten over die 80 procent, die als kaders kunnen dienen voor de wethouders om het beleid op te bepalen. De lateren discussie vindt dan plaats over die 20 procent. Dat geeft de wethouders en het ambtelijk apparaat ook duidelijke kaders, en dan hoef je als raad je niet bezig te houden met de punten en de komma’s, maar kun je doen waar je voor bent: besturen op hoofdlijnen en het controleren van het beleid.

Kortom: de verkiezingen komen als geroepen. Hoeft het nieuwe college niet als motto ‘Op zoek naar nieuwe verbindingen’ te hebben, maar kan men die gewoon toepassen. Is altijd sterker dan te zeggen dat je het zo graag wil.

Nieuws

menu