Aantal grote grazers moet drastisch worden teruggebracht

Lelystad – Het aantal grote grazers in de Oostvaardersplassen moet nog dit jaar drastisch worden teruggebracht tot zo’n 1.100. Daarmee moet het gebied worden ‘gereset’. Dat is één van de belangrijkste aanbevelingen van de Commissie Van Geel, die zich heeft gebogen over het beheer in de Oostvaardersplassen.

De cijfers

Uiteindelijk zou er in de Oostvaardersplassen ruimte zijn voor 1.500 grote grazers, al is dat geen heilig aantal. Volgens Pieter van Geel, voorzitter van de commissie, zou vooral in de gaten moeten worden gehouden hoe het gebied zich ontwikkelt om te zien of er sprake kan zijn van (iets) meer of minder grote grazers.

Het voorstel is het meest ingrijpend voor de populatie edelherten. Daarvan zouden er zo’n 980 moeten worden afgeschoten plus de netto aanwas van dit jaar. Het aantal heckrunderen is nu 160. Dat aantal kan gehandhaafd blijven. Het aantal konikpaarden moet worden teruggebracht met 180 plus de netto aanwas van dit jaar.

Om de rekensom compleet te maken: op dit moment zijn er zo’n  2.260 grote grazers in de Oostvaardersplassen. Dat is exclusief de nieuw geborenen. Dat aantal moet dus worden teruggebracht tot 1.100.

Afschieten enige optie

Van Geel denkt dat er voor wat betreft de 180 konikpaarden een uiterste poging moet worden gedaan die te herplaatsen in een ander natuurgebied. Als het gaat om het terugbrengen van de populatie edelherten, is afschieten het enige middel dat er is. ‘Verplaatsen  en anticonceptie kunnen niet, daarvoor zijn de dieren te wild. Je kunt ze niet vangen. Bovendien moet je je afvragen wat dat voor zin heeft. In natuurgebieden elders in Nederland, zoals op de Veluwe, worden heel veel herten afgeschoten. Als je ze dus daarheen verplaatst, worden ze daar alsnog afgeschoten.’

Op wat er dan met de herten moet gebeuren als ze zijn afgeschoten, heeft Van Geel geen antwoord. ‘Dat weten we gewoon niet. Je zou het vlees bijvoorbeeld kunnen verkopen, maar we weten niet of dat juridisch mogelijk is. Daarover zijn de meningen van deskundigen verdeeld.’

Hele jaar door

Van Geel hecht er aan dat dit nog dit jaar gebeurt en er niet mee wordt gewacht tot een volgende winter. Daarna zou twee jaar de tijd moeten worden genomen om maatregelen te nemen in de Oostvaardersplassen voor meer bosschages, het kleiner maken van het gebied voor de grote grazers en het toevoegen van toeristische voorzieningen. In die tijd kan de kudde grote grazers weer groeien naar zo’n 1.500.

Om de kudde daarna op dat peil te houden, moet er het hele jaar vroeg reactief beheer plaatsvinden. ‘Dat betekent dat niet wordt gewacht tot de herfst, voor er zwakke dieren die de winter mogelijk niet overleven worden afgeschoten. Dat beheer moet het hele jaar door plaatsvinden.’

Vogelsreservaat

De maatregelen rond de grote grazers zijn de meest in het oog springende. Het is het welzijn van die dieren die tot maatschappelijke onrust, bijna wekelijkse demonstraties en doodsbedreigingen aan het adres van boswachters en bestuurders hebben geleid de afgelopen maanden. Maar het gaat om een veel groter belang, waar de grote grazers slechts een rol in spelen.

Want de Oostvaardersplassen is van oorsprong een reservaat voor vogels. ‘De afgelopen jaren is er in het gebied niet aan de doelstellingen voldaan voor de vogels en is er te weinig gebeurd wat dat betreft. De maatregelen die wij voorstellen zijn er dan ook om de dynamiek in het gebied terug te brengen,’ zegt Van Geel.

Ander karakter landschap

Dat betekent dat het moerasgebied in de Oostvaardersplassen moet worden uitgebreid en er ook een ‘reset van het landschap’ moet plaatsvinden. ‘Het landschap is van karakter veranderd. Nu wordt dat verschillend geïnterpreteerd door mensen en deskundigen, maar er zijn veel bosschages verdwenen.’ Om het evenwicht in het gebied te herstellen, is het volgens Van Geel nodig weer bosschages toe te voegen. Het betekent concreet dat er van de 1.880 hectare graasgebied die er nu is voor de grote grazers, zo’n 800 hectare moet verdwijnen.

De grote grazers moeten in het ‘kerngebied’ zelf beschutting kunnen vinden. Openstelling van omliggende bossen voor de grote grazers van de Oostvaardersplassen, zoals het Hollandse Hout, vindt Van Geel geen goed idee. ‘Dat verhoudt zich slecht tot de recreatie en de bewoning die in die gebieden plaatsvindt. Bovendien is de vegetatie in die bossen niet ‘dierbestendig’, als dat een woord is.’ In die bossen komen nu ook herten voor, maar er moet geen verbinding worden gezocht met de Oostvaardersplassen. ‘Dat wil niet zeggen dat dat nooit zal gebeuren, maar op dit moment is dat niet aan de orde. Maar je moet de mogelijkheid om over vele jaren de verbinding te zoeken met andere natuurgebieden wel openlaten. Je moet dat niet met maatregelen van nu voor later onmogelijk maken.’

Toerisme

Van Geel vindt ook dat de betrokken overheden meer moeten investeren in het gebied als het gaat om het toegankelijk maken van de Oostvaardersplassen voor toeristen. Dat gebeurt nu te weinig en de gelden die er voor zijn gereserveerd zijn ook niet voldoende. Van Geel schat in dat daar vijftien miljoen euro extra voor nodig is eenmalig en structureel een miljoen euro per jaar.

Bovendien vergt dat een gezamenlijke aanpak van Lelystad, Almere, de provincie en Staatsbosbeheer. ‘Het moet niet zo zijn dat investeringen in het gebied worden ingegeven door de financiële situatie van een individuele overheid. Je zou dat geld dan beter in een gezamenlijk potje kunnen stoppen.’

‘Governance’

Want dat laatste geeft wel aan waar het tot nu toe aan ontbroken heeft: aan ‘governance’.  ‘Overheden hebben in het verleden weinig belangstelling getoond voor het Oostvaardersplassengebied. De ontwikkeling en het beheer lagen primair bij Staatsbosbeheer. Dat is aan het veranderen, maar de inzet van partijen is nog te versnipperd.’ De vernatting van het gebied, het creëren van extra beschutting door bosschages, het heeft allemaal te lang op zich laten wachten. Volgens Van Geel is dat ook een gevolg van de overdracht van de verantwoordelijkheid voor het beheer van het Rijk naar de provincie eind 2016. ‘Je ziet dat verschillende partijen dan nog aan hun rol moeten wennen.'

Voorstel PS

Het rapport van de Commissie Van Geel is tot stand gekomen na uitvoerige raadpleging met veertig verschillende partijen, belanghebbenden en deskundigen. De Commissie is er gekomen, nadat Provinciale Staten vorig jaar op voorstel van de VVD en de SGP hebben besloten tot een ‘review’ van het beheer in de Oostvaardersplassen, waarbij de gedachte werd uitgesproken dat het aantal grote grazers moet worden teruggebracht, het gebied meer opengesteld moet worden voor mensen en er gezocht moet worden naar een ecologisch evenwicht.

‘Er is toen ook gevraagd de relatie met de uitbreidingsplannen van Lelystad Airport te onderzoeken. Nou, daar waren we heel snel klaar mee. Provinciale Staten is daar een beetje uit de bocht gevolgen. De Oostvaardersplassen is een Natura 2000-gebied. Dat betekent dat bij de uitbreiding van Lelystad Airport rekening moet worden gehouden met de Oostvaardersplassen en niet andersom,’ zegt Van Geel.

Woord aan de politiek

Het woord is nu aan de provinciale politiek. Gedeputeerde Harold Hofstra is blij met het rapport en het vele en grondige werk dat er in is gaan zitten. ‘Het is een samenhangend en integraal advies, precies waar Provinciale Staten om gevraagd heeft. We moeten er nu voortvarend mee aan de slag. Voor 1 juli zou er een besluit moeten liggen, zodat de nieuwe beheersmaatregelen voor de volgende winter actief zijn.’

Lees hier het complete adviesrapport van de Commissie Van Geel.