Column Kees Bakker | Weinig solidariteit

Ik heb me in het recente verleden kritisch uitgelaten over het huidige coronabeleid van de regering. Het meten met twee maten stuit me enorm tegen de borst.

In het begin voelde ik nog een grote mate van solidariteit als het ging om corona. Die voel ik nog steeds, maar dan vooral naar de mensen om me heen: familie, vrienden, collega’s. De solidariteit met de politiek en bewindvoerders op dit dossier ben ik voor het grootste deel kwijt.

Een enorme hondenbaan

Ik besef me terdege dat zij het nooit goed kunnen doen. Elk besluit is omstreden, op elk besluit volgt kritiek en achteraf blijkt altijd dat je het nooit helemaal goed hebt gedaan. Daarom is het van belang ook begrip op te brengen voor de politiek. Minister zijn lijkt me vandaag de dag een enorme hondenbaan. Nogmaals: op alles wat je doet volgt kritiek en de bewoording waarin dat gebeurt is niet mals. En als je dan over het Binnenhof loopt, wordt je door één of andere idioot uitgescholden voor kindermoordenaar en pedofiel. Je moet je, in zo’n politiek en maatschappelijk klimaat, daadwerkelijk afvragen wie er eigenlijk straks nog minister wil worden in dat nieuwe kabinet. Je roeping, overtuiging of ego moet dan wel heel erg groot zijn.

Ruzies en gekrenkte ego's

Tegelijkertijd: de ruzies en ruzietjes die in Den Haag worden uitgevochten, de gekrenkte ego’s en meningsverschillen die maken dat er zeven maanden na de verkiezingen nog steeds geen nieuwe regering is, doen veel van het net genoemde begrip ook weer verdwijnen. Ik vind het ongekend dat een groep mensen, die zegt verantwoordelijkheid te willen nemen, die verantwoordelijkheid niet neemt omdat men het niet eens kan worden met elkaar. En dat is altijd de schuld van een ander. Den Haag lijkt een soort volkomen van de werkelijkheid losgeslagen bubbel te zijn, waarin deelnemers (ook de media) vooral lekker met elkaar en de waan van de dag bezig zijn, maar niet met het grotere doel. 

Ik heb even overwogen zondag naar Amsterdam te gaan. Niet om te demonstreren, maar om weer eens naar mijn favoriete platenwinkel te gaan. Ik heb het niet gedaan, want ik had het te druk met werk. Geen medelijden, hoor, dat doe ik helemaal zelf.

Losgeslagen van de werkelijkheid

Als ik zondag wel was gegaan en ik was in die grote demonstratie terecht gekomen, had ik dat in eerste instantie niet eens erg gevonden. Er mag gedemonstreerd worden en er is ook iets om tegen te demonstreren. Maar ik had bij het zien van de eerste demonstrant die een Jodenster droeg wel rechtsomkeert gemaakt. Dat je de huidige coronapas vergelijkt met de Jodenvervolging is op zich al walgelijk en volkomen losgeslagen van de werkelijkheid. Je kunt dat nog op het conto schrijven van eenzame, verdwaalde zielen. Maar dat er ook geen zelfregulerend vermogen van zo’n demonstratie of de organisatoren daarvan aanwezig is om dit soort uitwassen uit te bannen, maakt ook dat ik er niet in zal meelopen.