Minister krijgt geen inzage in financiële bedrijfsvoering IJsselmeerziekenhuis

Lelystad - Minister Tamara van Ark van Medische Zorg kan een inzage in de financiële handel en wandel van MC IJsselmeerziekenhuizen vergeten. Dat heeft de Raad van State woensdag 28 juli beslist.

Haar voorganger Bruno Bruins eiste in 2019 inzage naar aanleiding van het faillissement. Daarmee voldeed hij aan een verzoek van de Tweede Kamer om te kijken naar mogelijk onbehoorlijk bestuur van de leiding van de ziekenhuisgroep.

Belangen van derden geschaad

Maar de curators die het faillissement afhandelen, liggen dwars. Ze stellen dat bij het vrijgeven van gegevens de belangen van derden worden geschaad. Hun gegevens en afspraken met de ziekenhuisgroep komen dan op straat te liggen.

Een bezwarencommissie van het ministerie gaf Bruins ook het advies om zijn onderzoek te staken, omdat het op basis van de verkeerde regelingen werd uitgevoerd. Maar Bruins zette toch door en zijn opvolgster Van Ark legde zelfs de curators een dwangsom op van maximaal 50.000 euro.

Besluit vernietigd

De Raad van State heeft zijn besluit nu vernietigd. Volgens de Raad heeft Bruins de bevoegdheden van zijn inspectie overschat. Het onderzoek was bedoeld om vast te stellen of sprake is geweest van goed bestuur en een professionele en integere bedrijfsvoering. Bruins stelde dat zijn inspectie bevoegd is om in het kader van dat onderzoek informatie te vorderen.

Maar de curators voerden bij de Raad aan dat de inspectie alleen gebruik kan maken van zijn bevoegdheden als er zorg wordt verleend en dat die bevoegdheid er niet meer is, omdat geen zorg meer wordt verleend door de MC IJsselmeerziekenhuizen.

Ingrijpen

Volgens de Raad kan de minister ingrijpen als door financieel wanbestuur de kwaliteit of de veiligheid van de zorg in het geding is. Maar in dit geval is de zorg al beëindigd. Bruins heeft ‘onvoldoende gemotiveerd waarom in dit geval de gevorderde informatie noodzakelijk is voor het uitoefenen van toezicht op de goede zorgverlening’, aldus de Raad. Een onderzoek naar mogelijke malversaties van het ziekenhuisbestuur zal dus via andere juridische wegen moeten worden uitgevoerd.