Kracht cultuursector Flevoland groeit

Lelystad - De kracht van de Flevolandse cultuursector groeide sinds 2019 met maar liefst 9 procent. Dit blijkt uit het tweejaarlijkse Cultuursector Merkenonderzoek van Hendrik Beerda Brand Consultancy onder 10.000 mensen.

Net als bij de vorige meting, twee jaar geleden, bestaat de Flevolandse cultuurtop in 2021 uit Luchtvaartmuseum Aviodrome en Lowlands. Ondanks de vele afgelastingen van hun concerten verdubbelde het enthousiasme voor het klassieke Apollo Ensemble onder de Flevolandse bevolking. Het 50-jarige oratoriumkoor Stella Maris en theatergezelschap BonteHond zagen hun populariteit ook bijna verdubbelen.

In het onderzoek wordt navraag gedaan naar de bekendheid, waardering en binding van de merken in de cultuursector. De Flevolandse cultuurinstellingen die in de periode 2019-2021 hun reputatie het sterkst zagen stijgen, zijn het Apollo Ensemble (+112%), Koor Stella Maris (+82%) en Bontehond (+81%).

De Top 10 van cultuurinstellingen met de sterkste reputatie onder Flevolanders in 2021 zier er als volgt uit (tussen haakjes de positie in 2019): 1. (1.) Luchtvaartmuseum Aviodrome, 2. (2.) Lowlands, 3. (4.) Batavialand, 4. (5.) Museum Schokland, 5. (9.) De Meerpaal, 6. (8.) Agora, 7. (7.) Kinepolis, 8. (6.) Strandfestival ZAND, 9. (14.) Meerpaaldagen, 10. (11.) Bevrijdingsfestival Flevoland.

Goede kans op herstel cultuursector ondanks miljardenverlies

Een grotere bekendheid, meer waardering en een sterkere binding geven cultuurinstellingen een goede uitgangspositie om de miljarden aan omzetverlies te boven te komen. Ondanks de vele festivalannuleringen en langdurige sluitingen, betaalt de alternatieve zichtbaarheid van cultuurinstellingen tijdens de coronacrisis zich duidelijk uit. Online programmering, social media campagnes en ludieke acties wakkerden het verlangen sterk aan.

De ontwikkeling van het draagvlak in de cultuursector per provincie (2019-2021) ziet er als volgt uit: 1. Zuid-Holland +11%, 2. Zeeland +9%, 3. Drenthe +9%, 4. Flevoland +9%, 5. Friesland +9%, 6. Limburg 8%, 7. Noord-Brabant 7%, 8. Utrecht +2%, 9. Overijssel +2%, 10. Gelderland 0%, 11. Groningen -1%, 12. Noord-Holland -11%. Het draagvlak is berekend op basis van de merkkracht van de 50 bekendste cultuurorganisaties per provincie. Merkkracht bestaat uit 3 dimensies: 1. naamsbekendheid, 2. waardering voor de organisatie en 3. gevoel van binding met de organisatie.

‘Het onderzoek onderstreept heel duidelijk hoe onmisbaar cultuur is in het leven van de Nederlander. Het is niet zomaar te vervangen door het kijken van een dvd’tje, zoals minister de Jonge tijdens een persconferentie in mei suggereerde,’ aldus merkadviseur Hendrik Beerda. ‘Door de maandenlange sluitingen is het gemis aan culturele ervaringen bij jong en oud heel duidelijk naar voren gekomen. Tegelijkertijd hebben de instellingen tijdens de sluitingen het verlangen goed aangewakkerd door continu contact te houden met de bevolking. In media-optredens op radio en televisie, online campagnes en via social media.’

Onderzoek onder 10.000 respondenten

Het Cultuursector Merkenonderzoek is in 2006 met de Universiteit van Amsterdam ontwikkeld. Het onderzoek wordt in eigen beheer uitgevoerd en heeft geen opdrachtgever of andere belanghebbende. Voor het onderzoek van 2021 zijn 10.000 respondenten in twee fasen ondervraagd. Eerst is de spontane bekendheid van alle Nederlandse cultuurorganisaties onderzocht. Daarna is per provincie voor de 50 bekendste organisaties navraag gedaan naar hun geholpen bekendheid, waardering en binding.