Hoofdpijndossier 'landjepik' laait weer op

Dronten - Het hoofdpijndossier ‘oneigenlijk grondgebruik’, ook wel ‘landjepik’ genaamd, speelt weer op. Inwoners van Dronten die een stukje gemeentegrond zouden gebruiken, beklagen zich bij de politiek over de manier waarop ze worden aangeschreven. En dat is niet de eerste keer.

Geschiedenis

In maart 2019 stond het onderwerp voor de laatste keer op de politieke agenda. Toen waren het bewoners van De Venkel die zich boos tot de gemeenteraad wenden, met name over de toon waarmee zij werden aangesproken. Dit keer hebben bewoners van De Ruiter zich tot de gemeenteraad gewend.

Het ‘oneigenlijk grondgebruik’ gaat over bewoners die bewust of onbewust een stukje gemeentelijke grond bij hun tuin of perceel hebben getrokken. In sommige gevallen staat daar een bouwwerk op, in sommige gevallen alleen wat groen. In 2011 is begonnen, na een besluit van de gemeenteraad, om die oneigenlijke situaties aan te pakken. Waar mogelijk kregen bewoners de gelegenheid de grond die men oneigenlijk in gebruik had van de gemeente te kopen. Waar dat niet mogelijk was, bijvoorbeeld omdat er leidingen in het betreffende stuk grond liggen of het deel uitmaakt van de gemeentelijke groenstructuur, moest de grond binnen een bepaalde termijn in de oorspronkelijke staat worden hersteld.

Politieke discussies

In 2017 was de eerste fase van het aanschrijven van ongeveer 350 bewoners bijna afgerond en ging de tweede fase in, waarin het om nog eens zo’n 400 gevallen ging. Sindsdien zorgt het dossier ook voor flinke politieke discussies. Het gaat dan met name om de manier waarop bewoners worden aangeschreven.

Dat is ook hier het geval. Het steekt bewoners bijvoorbeeld dat een situatie die al 30 jaar zo is, nu opeens binnen drie maanden hersteld moet worden. Bovendien zou het oneigenlijk gebruik gedefinieerd worden als ‘diefstal’, terwijl in veel gevallen bewoners zich van geen kwaad bewust zijn.

Gesprekken

Ook zouden er in het geval van De Ruiter geen bouwwerken op de gemeentelijke grond staan, maar gaat het alleen om beplanting. De vraag is volgens hen of de gemeente daarom juridisch sterk in haar schoenen staat, omdat er in dat geval niet kan worden gesproken van ‘inbezitname’.

Alles zou voor 2 september in de oorspronkelijke staat moeten worden hersteld, maar bewoners hebben een brief geschreven aan het college en de gemeenteraad, met de vraag alsnog met hen in gesprek te gaan en deze datum te laten varen. Ook dragen zij zelf een aantal mogelijke oplossingen aan, zoals het aankopen van de anderhalve meter gemeentegrond waar het om gaat of overleg over welke beplanting wel en welke niet kan blijven staan. In het uiterste geval wordt echter een gang naar de rechter ‘niet geschuwd’.

De gemeenteraad komt volgende week weer bij elkaar. De brief staat op de agenda van de raadsvergadering van 17 september.

Gerelateerd nieuws